Zoeken
In het waterbeheerprogramma (WBP) staan onze doelen voor zes jaar en hoe we die doelen willen bereiken. Ook lees je hoe we inspelen op veranderende omstandigheden zoals het klimaat.
Wil je een put boren of afdichten? Dan moet je aan bepaalde regels voldoen.
Het komt steeds vaker voor dat er langere tijd weinig of geen druppel regen valt. Tijdens droge periodes is er minder water beschikbaar. Het grondwater daalt en het water in sloten en beken zakt of ze vallen helemaal droog. Dit heeft gevolgen voor de natuur en gewassen. Voor hen is voldoende water van levensbelang. Daarom moeten we zorgvuldig omgaan met de regen die valt. Ervoor zorgen dat die niet zomaar wegstroomt maar bewaren voor als het droog is. We nemen maatregelen om de regen zo goed mogelijk vast te houden en het beschikbare water zo goed mogelijk te verdelen. Hier lees je alle nieuwsberichten over droogte in 2025.
In sloten groeien veel waterplanten. Dat is goed, want planten zorgen voor zuurstof en zijn belangrijk voor dieren in het water. Maar als er te veel planten groeien, ontstaan er problemen.
Te veel planten maken het moeilijk voor water om goed door te stromen. Dat kan zorgen voor wateroverlast. Ook komt er minder licht en zuurstof in het water. Daardoor wordt de waterkwaliteit slechter.
Daarom maaien we een deel van de planten. Zo blijft er genoeg ruimte voor water en blijft de sloot gezond voor planten en dieren.
Als we niet maaien, groeien sloten dicht. De gevolgen daarvan zijn onder andere:
- Water stroomt minder goed door, waardoor de kans op wateroverlast toeneemt.
- Sloten kunnen gaan verlanden. Ze worden dan steeds ondieper.
- Waterkwaliteit verslechtert door minder zuurstof met meer kans op algengroei.
- Soorten die afhankelijk zijn van open water verdwijnen.
Kortom: helemaal niet maaien klinkt misschien natuurvriendelijk, maar leidt uiteindelijk vaak tot minder biodiversiteit én grotere problemen met waterbeheer.
Voorop staat dat we niet meer maaien dan nodig. Maar om het waterpeil goed te reguleren, ontkomen we er niet aan om op sommige plekken al vroeg in het voorjaar te maaien. We begrijpen dat dit een gevoelig punt is, maar dit heeft te maken met:
- De groei van waterplanten (die vooral in het voorjaar en de zomer snel gaan groeien)
- De noodzaak om waterafvoer en -aanvoer op orde te houden
- Weersomstandigheden
Als we te laat maaien, kan de doorgroei al zulke problemen veroorzaken dat water niet meer goed aan- en afgevoerd kan worden. Dat kan direct gevolgen hebben voor veiligheid en schade.
We houden nadrukkelijk rekening met de natuur, want we hebben een zorgplicht voor planten en dieren. Dat staat in de Omgevingswet. We maaien volgens ons werkprotocol Zorgplicht én werkprotocollen die voortkomen uit de gedragscode Soortenbescherming voor de Unie van Waterschappen (2025).
Concreet betekent dat dat we verschillende maatregelen nemen om de impact op de natuur zo klein mogelijk te houden:
- Gefaseerd maaien: we maaien bijna nooit alles tegelijk, zodat dieren kunnen uitwijken
- Deel laten staan: we laten begroeiing staan als schuilplek voor dieren
- Werken van één kant: dieren krijgen de kans om weg te vluchten
- Timing aanpassen waar mogelijk: we houden rekening met kwetsbare periodes en omstandigheden
- Ecologisch maaibeheer: op steeds meer plekken stemmen we het beheer af op natuurdoelen
Hoe zorgvuldig we ook werken, we kunnen nooit volledig voorkomen dat maaien invloed heeft op de natuur. Soms gaan er planten of dieren verloren.
We begrijpen dat dit voor inwoners moeilijk kan zijn om te zien. Tegelijkertijd proberen we die impact zo klein mogelijk te maken door bovenstaande maatregelen en door ons maaibeheer continu te verbeteren.
Het alternatief, niet maaien, heeft op de langere termijn vaak een grotere negatieve impact op natuur én leefomgeving.
Dat hangt af van hoe je het bekijkt. Goed uitgevoerd maaibeheer kan juist bijdragen aan biodiversiteit:
- Variatie in begroeiing zorgt voor verschillende leefgebieden
- Het voorkomt dat één soort de overhand krijgt
- Het zorgt voor een betere waterkwaliteit
Zonder beheer kunnen sloten dichtgroeien en ontstaat er juist minder variatie, waardoor bepaalde soorten verdwijnen.
Nee, dat is niet mogelijk. Als waterschap zijn wij verantwoordelijk voor veilig en goed waterbeheer. Maaien is daarvoor een noodzakelijk onderdeel, ook voor de ecologie. Wat we wél doen, is voortdurend zoeken naar een balans tussen:
- Waterveiligheid en doorstroming
- Natuur en biodiversiteit
- Belangen van omgeving en inwoners