Het klimaat verandert. Lees meer over wat wij doen.

13 juni 2018 Misschien herinnert u zich nog wel de grote hoeveelheden neerslag die in mei en juni 2016 vielen in een groot deel van Oost-Brabant en Noord-Limburg. En de droogte die daarop volgde in de nazomer. Dit laat zien dat wateroverlast en droogte binnen één jaar, en zelfs binnen één seizoen, kunnen voorkomen. Perioden van droogte en hitte zijn langer en intenser, de kans op overstromingen neemt toe en al jarenlang leiden zomerse piekbuien tot grote schade voor bedrijven en burgers, maar ook voor landbouw, natuur en economie. Kortom: ons klimaat verandert.

Samen bereiken we meer

De (blijvende) klimaatverandering - met als gevolg meer wateroverlast en langere periodes en van droogte en hitte - treft ons watersysteem en ons allemaal. Het gaat immers niet alleen om water, maar ook over goed wonen, werken en recreëren. De uitdaging die er ligt gaan we met elkaar aan. Waterschap Aa en Maas is daarbij op alle onderdelen (veiligheid, droogte, wateroverlast, waterkwaliteit) een zeer betrokken en actieve partner. We werken samen met onze partners op verschillende schaalniveaus. Lokaal, met inwoners, boeren en bedrijven. Regionaal met gemeenten, provincie, natuur- en milieuorganisaties, landbouworganisaties en andere maatschappelijke partners. En dat alles in samenhang met de ambities en acties uit het Deltaprogramma. Daarin werken we, naast de eerder genoemde partners, ook intensief samen met het Rijk en andere waterschappen. 

Dit doet Aa en Maas

In ons waterbeheerplan 2016-2021 hebben we als doel gesteld een klimaatbestendig en robuust watersysteem te ontwikkelen, zodat we voldoende opgewassen zijn tegen weersextremen. We kijken daarbij naar het totale systeem van oppervlaktewater, grondwater en de riolering. We hebben vier uitdagingen geformuleerd voor onze aanpak. Deze uitdagingen benaderen we integraal en gelaagd. Dit wil zeggen: water wordt zoveel mogelijk vastgehouden bij de bron, water dat niet vastgehouden kan worden, wordt geborgen en water dat niet geborgen kan worden, wordt afgevoerd. 

Vier uitdagingen 

1.       Water in de stad
De stad, of meer algemeen, het bebouwd gebied, is voor een groot deel verhard. Neerslag kan daardoor slecht de bodem in en stroomt rechtstreeks in het riool. Kan het rioolstelsel de neerslag niet verwerken, dan komt het rioolwater in het oppervlaktewater terecht. En dat kan weer voor overstromingen zorgen. Om dit te veranderen, werken we onder andere aan bewustwording, delen we kennis, werken we samen om minder verharding te realiseren en stimuleren en faciliteren we burgerinitiatieven.

2.       Bodem als buffer
Bij perioden van droogte en extreme neerslag voor is een goede spons- en bufferwerking van de bodem heel belangrijk. Dit zorgt voor overbrugging bij periodes met te weinig neerslag, is belangrijk voor gewasopbrengst voor boeren en voorkomt dat voedingsstoffen en beschermingsmiddelen naar het oppervlaktewater afvloeien. Bij deze uitdaging werken we vooral aan kennisdeling richting boeren en tuinders.

3.       Ruimte voor water
De ruimte die de bodem biedt aan water willen we beter gebruiken, zowel in het landelijk gebied als in het bebouwd gebied. We kijken naar het benutten van beekdalen en het beheer en onderhoud van sloten en greppels.

4.       Omgaan met restrisico’s
Hoewel we wateroverlast en schade niet helemaal kunnen voorkomen, kunnen we de gevolgen wel verminderen. Samen met andere partijen kijken we naar uitzonderlijke situaties: wat zijn de risico’s? Wie draagt die risico’s? Hoe communiceren we over die risico’s? Hoe ver willen we gaan in het verkleinen van die risico’s? Hoe handelen we als er toch schade optreedt?

Zelf aan de slag? Lees meer over wat u zelf kunt doen en hoe wij financieel helpen