Peelvenen Leegveld

Het natuurgebied de Deurnsche Peel heeft last van verdroging en te hoge stikstofwaardes, hierdoor dreigt het unieke hoogveenlandschap te verdwijnen. Waterschap Aa en Maas gaat samen met partners en belanghebbenden in het projectgebied Leegveld en Deurnsche Peel aan de slag om de natuur in de Peel te kunnen behouden. Dat is belangrijk omdat hoogveen een bijzonder natuurtype is, met zeer zeldzame planten en dieren. Het komt nog maar op een paar plekken in Nederland voor.

Het project Leegveld uitgelegd in een animatievideo

Loading the player

Locatie

Het projectgebied Leegveld ligt in de gemeente Deurne en dankt zijn naam aan de straat Leegveld die dwars door het projectgebied heen loopt. Het projectgebied omvat het Natura 2000 gebied Deurnsche Peel en nieuw in te richten natuurgebieden aan de westzijde hiervan. Aan de Noordzijde van het projectgebied ligt het dorp Griendtsveen en aan de Zuidzijde het dorp Helenaveen. Op onderstaand kaartje zie je de omgeving Deurnsche Peel met in het rode kader het projectgebied Leegveld.


Wat gaat er gebeuren?

Om het hoogveen te herstellen is een stabiel waterpeil van belang en moet de verdroging van het gebied worden verminderd. Daarvoor is het nodig om het gebied opnieuw in te richten: sommige agrarische percelen krijgen een nieuwe functie als natuur en de waterhuishouding wordt aangepast. Dit betekent vanzelfsprekend veel voor agrarisch ondernemers en bewoners. In het gebied komt meer natuur en het zal ook natter worden, zonder dat aanliggende percelen of bebouwing hier last van mogen hebben. De nadruk ligt op natuurontwikkeling, maar ook versterking van de landbouw, recreatie en cultuurhistorie krijgen een plek als andere partijen hiertoe het initiatief nemen. 

Planning

 

Waterschap Aa en Maas heeft samen met partners in 2017 een gebiedsvisie opgesteld: een toekomstbeeld voor het Leegveld voor 2027. De gebiedsvisie kunt u hier downloaden. Het project Leegveld is verder uitgewerkt in Projectplan Waterwet Leegveld. Hierin zijn de inrichtingsmaatregelen en de effecten ervan beschreven. Door de provincie Noord-Brabant is de wijziging van de agrarische percelen naar een natuurbestemming uitgewerkt in een inpassingsplan. Voor beide plannen heeft een beroepsprocedure gelopen tot en met januari 2019. Alle stukken kunt u nog steeds inzien op www.brabant.nl/ipPASLeegveld. De zitting bij de Raad van State wordt rond de zomer verwacht. Ondertussen wordt het bestek afgerond en blijft men in gesprek met de omgeving. Op dinsdag 25 juni organiseren we een informatiebijeenkomst om de streek bij te praten over de maatregelen, het proces en de planning. Geïnteresseerden zijn welkom vanaf 19.30 tot 21.30u in de Gouden Helm (Oude Peelstraat 3) in Helenaveen. De uitvoering gaat eind 2019 van start waarbij rekening gehouden wordt met een uitspraak van de Raad van State. In 2021 moet het gebied heringericht zijn.

 

Aanleg proefkades 

Vooruitlopend op de uitvoering van de werkzaamheden in het projectgebied Leegveld zijn in oktober 2018 drie tijdelijke proefkades aangelegd. Deze proefkades geven alvast een beeld van hoe de kades er straks uit komen te zien en zo wordt er meer kennis opgedaan over de bodemopbouw in de omgeving. Lees hier meer.

Monitoringsportal

Er is een website ontwikkeld waarbij voor alle peilbuizen in het gebied de actuele grondwaterstanden zijn in te zien. Dit geldt voor de reeds bestaande peilbuizen, maar ook voor de 65 nieuwe peilbuizen. Deze peilbuizen zijn uitgerust met meetapparatuur die de actuele grondwaterstand elk uur meten. Per peilbuis is de grondwaterstand in een tabel te zien. Deze gegevens zijn te downloaden als data of afbeelding. Bekijk de monitoringsportal hier.

Nieuwsbrief

Wilt u via e-mail geïnformeerd worden over de ontwikkelingen rondom Leegveld? Meld u dan aan voor de online nieuwsbrief! Dat kan via deze link.

Eerdere edities

Lees hier onder eerdere edities van de nieuwsbrief:

Contact

Heeft u vragen over het project Leegveld? Dan kunt u contact opnemen met de omgevingsmanager Sjors Hoek via 06 2009 2364 of SHoek@aaenmaas.nl

 

Veelgestelde vragen

Wat gaat er allemaal gebeuren in het Leegveld?

Het waterschap gaat de waterhuishouding in het projectgebied Leegveld en de Deurnsche Peel aanpassen om het hoogveen te kunnen behouden. Hiervoor wordt onder andere 180 ha aan nieuwe natuurpercelen ingericht, zodat het gebied hogere grondwaterstanden kan hebben. Er worden kades aangelegd om het water in het gebied te houden en met stuwen kan de waterstand geregeld worden. 

Klopt het dat de omgeving rondom de Peel afgelopen jaren al veel natter is geworden?

Er zijn in de afgelopen jaren diverse maatregelen uitgevoerd om het natuurgebied te vernatten, zowel in Limburg als in Brabant. Deels kleinschalige maatregelen (afdammen) en soms een groot project, zoals Koningshoeven-natuur en LIFE+ Mariapeel. De veranderingen van grondwaterstanden zijn veelal slechts lokaal zichtbaar. Daarnaast hebben we te maken met klimaatveranderingen met grotere weersextremen en lijkt er vernatting op te treden door inklinking van verdrogende veenbodems ten westen van het projectgebied.

Gaat de grondwaterkwaliteit van de beregeningsputten vlakbij de voormalige vuilstort Leegveld achteruit als gevolg van het project?

De grondwaterstand onder de vuilstort Leegveld zal niet gewijzigd worden. Hiermee worden eventuele veranderingen van de grondwaterkwaliteit voorkomen voor het ondiepe grondwater. Gemeente Deurne monitort de grondwaterkwaliteit rondom de vuilstort. Mocht er uit de monitoring toch blijken dat er ongewenste effecten vanuit de vuilstort optreden, dan zullen gemeente Deurne en waterschap Aa en Maas hiervoor passende maatregelen moeten nemen.

Wordt de afwatering van de Soeloop anders?

De Soeloop wordt vanaf de Polderdreef tot het kanaal van Deurne ondieper gemaakt. De watergangen die afwateren op de Soeloop krijgen een omleiding. Vanaf de Polderdreef in de richting van de Astense Aa blijven de peilen hetzelfde.

Gaat het natuurgebied wel als buffer werken zodat regenbuien minder overlast veroorzaken?

Ja, in het natuurgebied zal het volume dat beschikbaar is voor het opvangen van regenwater toenemen. Een bui van een omvang die eens per 25 jaar valt (83 mm per etmaal) kan dan in het gebied opgevangen worden. Dat betekent een extra buffercapaciteit van 600.000 m3. Een vooruitgang ten opzichte van de huidige situatie.

Worden fietspaden afgesloten?

Bestaande fietspaden worden niet afgesloten met de uitvoering van project Leegveld. Indien nodig zullen er maatregelen genomen worden om fietspaden te behouden.

Door het project Leegveld komt mijn perceel / woning dichter bij de natuur te liggen, hierdoor heb ik minder uitbreidingsmogelijkheden en is mijn perceel / woning minder waard. Hoe wordt dit vergoed?

Als u denkt dat door de nieuwe natuurbestemming op de landbouwpercelen uw perceel/woning in waarde zal verminderen, kunt u planschade claimen bij de provincie Noord-Brabant. De natuurbestemming wordt in dit geval namelijk opgenomen in een Provinciaal Inpassingsplan (PIP). Op grond van de huidige regelgeving in de Wet Ruimtelijke Ordening moet u Planschade melden binnen 5 jaar na wijziging van de bestemming van de percelen (onherroepelijk worden van het PIP). De provincie Noord-Brabant zal hiervoor onafhankelijk advies vragen aan een extern bureau. De procedure is opgenomen in de Verordening Planschade Noord-Brabant van 21 juli 2017.

Krijgen we nu meer overlast van muggen en knutten door stilstaand water?

In hoogveengebieden komen muggen voor, deze moerassteekmuggen kunnen zorgen voor overlast bij omwonenden. Maar ook andere muggen zoals de huissteekmug kunnen overlast geven. Vanaf 2015 wordt al onderzoek gedaan naar de muggen in de Peel door Alterra. Hierdoor zijn we goed op de hoogte van de voorwaarden die muggen stellen aan hun leefgebied, zoals broedplaatsen en verspreidingsmogelijkheden. Bij de herinrichting van het gebied wordt rekening gehouden om toekomstige overlast van muggen zo veel mogelijk te voorkomen. Zoals het goed instellen van lokale waterstanden en het verwijderen van struweel en onderbegroeiing om de verspreiding van muggen tegen te gaan. Alterra zal ook in 2019 en 2020 hun onderzoek naar de verspreiding van muggen in de Peel voortzetten. Daarnaast wordt het onderzoek ook enkele jaren na invoering van de maatregelen voortgezet om het effect te monitoren en als nodig daarop extra maatregelen uit te voeren.

Hoe blijf ik op de hoogte van de actuele grondwaterstanden in het gebied?

Het waterschap heeft een online portal ontwikkeld waar alle peilbuizen en gegevens van de waterstanden altijd en voor iedereen beschikbaar is. Bekijk hier de online portal.

Wat voor voorzorgsmaatregelen (mitigerende maatregelen) zullen er worden uitgevoerd om wateroverlast te voorkomen?

Op bepaalde percelen direct aangrenzend aan het nieuwe natuurgebied zullen mitigerende maatregelen genomen worden om wateroverlast te voorkomen. Hierbij moet gedacht worden aan ophogen van percelen of het aanbrengen van peilgestuurde drainage. Met dergelijke maatregelen wordt de grondwaterstand plaatselijk verlaagd. Op basis van bodemonderzoek en in overleg met de eigenaren worden de exacte maatregelen uitgewerkt.

Welke partij heeft nu welke rol binnen project Leegveld?

Provincie Noord-Brabant is verantwoordelijk voor de PAS-herstelmaatregelen. Waterschap Aa en Maas heeft de uitvoering van deze maatregelen op zich genomen conform de Bestuursovereenkomst Peelvenen van 22 juli 2016. De maatregelen zijn omschreven in Projectplan Waterwet Leegveld welke 19 mei t/m 29 juni 2018 ter inzage heeft gelegen en 19 november jl. is vastgesteld door het Dagelijks Bestuur van het waterschap.

Staatsbosbeheer is eigenaar van een groot deel van het natuurgebied en werkte mee aan de opstelling van het Projectplan Waterwet. Hiermee is geborgd dat na de inrichting van het gebied ook het vervolgbeheer dat zij grotendeels moeten voeren, conform het Natura 2000 beheerplan, goed kan verlopen. 

Hoe blijf ik op de hoogte van de ontwikkelingen van het project?

Via deze link kunt u zich ook abonneren op de nieuwsbrief om de actualiteiten van het project te volgen. Ook worden er regelmatig informatiebijeenkomsten georganiseerd. Direct omwonenden krijgen de uitnodiging per post toegestuurd, maar de bijeenkomsten worden ook in de nieuwsbrief aangekondigd. De inspraakperiodes van de plannen zijn zowel per brief als in de nieuwsbrief aangekondigd. De verschillende belangengroepen uit het gebied zijn vertegenwoordigd in de Werkgroep Leegveld, zoals dorpsraad Liessel, agrariërs, bewoners en ondernemers. De werkgroep wordt periodiek bijgepraat over de plannen en voor advies gevraagd. Bestuurders zijn vertegenwoordigd in de integrale gebiedscommissie Peelvenen, deze komen elk kwartaal samen om op de hoogte te stellen en de overheden te adviseren over de plannen.

In hoeverre worden eerdere afspraken van het Landinrichtingsplan ‘Het onverenigbare verenigd’ nagekomen?

Voor een groot deel wordt de visie vanuit het Landinrichtingsplan uit 2005 geconcretiseerd middels het inrichtingsplan Leegveld. Echter, voortschrijdend inzichten over wat nodig is voor hoogveenherstel heeft geleid tot een wijziging in standpunt met betrekking tot bomenkap omdat bomen hoogveenherstel onmogelijk maken. Dit standpunt is in januari 2018 vastgelegd in het beheerplan Natura 2000. 

Worden er bomen gekapt in de Deurnsche Peel en waarom?

Er zal 75 ha bomen gekapt worden in de Deurnsche Peel. Dit is 12,6% van de totale oppervlakte bos (595 ha). Deze bomen hebben een negatief effect op het hoogveen, door verdamping wordt grondwater onttrokken en door de bomen is er onvoldoende lichtval voor veenmossen. De bomenkap vindt plaats in de kern van het natuurgebied. Aan de buitenranden worden geen bomen gekapt om zodoende het huidige landschappelijk beeld te behouden.

Daarnaast zal door de stabilisatie van het waterpeil en geleidelijke waterpeilverhoging een aanvullend deel van de bomen afsterven, naar verwachting ongeveer 95 ha. Op een aantal locaties zal door deze verandering in grondwaterstand juist 35 ha nieuw bos/struweel gaan ontwikkelen. Daarmee blijft ongeveer 460 ha (77%) van het huidige bosoppervlakte uiteindelijk aanwezig in het gebied.

Er wordt slechts een kleine verandering van de grondwaterstand langs de Helenavaart verwacht, dit zal geen effect hebben op de laanbomen. Daarmee wordt het beschermde dorpsgezicht niet aangetast.

 

 

 

Wordt het natuurgebied groter met dit project?

Het natuurgebied wordt niet groter. De begrenzing voor natuur is gelijk gebleven met de begrenzing zoals deze tijdens het Landinrichtingsplan uit 2005 bekend was. Het is wel zo dat enkele percelen, binnen die natuurbegrenzing, nu nog in agrarisch gebruik zijn. Deze percelen worden formeel omgezet naar bestemming natuur. Dit betekent dat er straks buiten wel een verandering in de oppervlakte natuur te zien is wanneer ook deze percelen als natuur worden ingericht. 

Wanneer is het Projectplan Waterwet Leegveld definitief?

Op 7 december 2018 zijn het Projectplan Waterwet Leegveld tegelijk met het Provinciaal Inpassingsplan (PIP) vastgesteld door de Gedeputeerde Staten van de provincie. Deze documenten staan gepubliceerd op www.brabant.nl/ippasleegveld. Belanghebbenden die eerder een zienswijze hebben ingediend kunnen tot en met 31 januari 2019 in beroep gaan via de Raad van State. Dit kan nog van invloed zijn op de uitvoering van de maatregelen waarmee in het najaar van 2019 gestart wordt.

Hoe wordt omgegaan met natschade door het project?

Het uitgangspunt is natschade als gevolg van het inrichtingsplan Leegveld tot een minimum te beperken voor bewoners en agrariërs ten opzichte van de situatie van voor de uitvoering van het inrichtingsplan. Daar waar uit de rekenmodellen blijkt dat er natschade door het project verwacht wordt, worden passende maatregelen genomen om deze extra overlast te voorkomen (maakt deel uit van het plan), zoals het ophogen van percelen en het aanleggen van regelbare drainage. Met de mensen die dit betreft zijn we in gesprek.

 

Wanneer er onvoorzien toch ergens schade optreedt onder invloed van project Leegveld, dan treedt het wettelijke systeem van schadevergoeding in werking. De werkwijze is uitgewerkt in het Projectplan Waterwet Leegveld paragraaf 6.5.1 ‘Financieel nadeel’: de eerste circa 5 jaar na afronding van de werkzaamheden zal door het waterschap proactief worden gehandeld op signalen en schademeldingen vanuit het gebied, o.a. op basis van uitgebreide monitoring. Daarna kunnen, tot 20 jaar na aanleg, schademeldingen worden ingediend bij het schadeloket. Er is één schadeloket en deze bevindt zich bij het waterschap Aa en Maas.

 

Hieronder is in een aantal stappen de werkwijze van een schademelding beschreven:

1.    De burger die meent schade te lijden dient een verzoek om schadevergoeding in bij het waterschap, bestaande uit een situatieschets en een korte toelichting. Zie ‘verordening schadevergoeding waterschap Aa en Maas 2015’;

2.    Het waterschap beoordeelt of het verzoek voldoet aan de vereisten en schakelt een onafhankelijke externe adviseur in;

3.    De externe adviseur adviseert het waterschap over het verzoek om schadevergoeding en stelt daartoe een onderzoek in. Het onderzoek zal onder andere betrekking hebben op:

a. De omvang van de schade;

b. Het causaal verband (is de schade een direct gevolg maatregelen volgend uit het PPWW);

c. Voorzienbaarheid (wist of kon verzoeker weten dat de maatregel gepland of uitgevoerd zou worden ten tijde van de aankoop of investering);

d. Het normaal maatschappelijk risico (had de benadeelde rekening kunnen houden in de zin dat de ontwikkeling in de lijn van de verwachtingen lag, ook al bestond geen concreet zicht op de omvang waarin, de plaats waar en het moment waarop de ontwikkeling zich zou voordoen).

4.    De rapportage van de externe deskundige wordt aan beide partijen beschikbaar gesteld;

5.    Op basis van het advies neemt het Dagelijks Bestuur een beslissing op het verzoek om schadevergoeding;

6.    Tegen deze beslissing kan bezwaar gemaakt worden en eventueel beroep ingesteld worden.