Maatregelen

Wateroverlast en droogte kan het waterschap niet voorkomen. Wel werken we aan maatregelen om er beter mee om te gaan. Het waterschapsbestuur heeft extra geld vrij gemaakt zodat we beter bestand zijn tegen wateroverlast. In het afgelopen half jaar heeft Aa en Maas in de gebieden waar de wateroverlast in het voorjaar van 2016 het hevigst was, onder andere in Deurne en Asten, al maatregelen genomen. Denk aan het automatiseren van stuwen, inlaatpunten en krooshekreinigers. Door automatisering kunnen we sneller regelen dat water wordt vastgehouden in tijden van droogte of sneller wordt afgevoerd in natte perioden. Verder vindt er op dit moment veel onderzoek plaats naar de werking van sloten, beken en rivieren om te kijken of er aanpassingen gedaan moeten worden.
Stortbui
Watertekort

Naast te nat heeft Aa en Maas ook te maken met droogte. Delen van Noord-Brabant en Limburg behoren tot de droogste gebieden van Nederland. We vinden hier overwegend zandgronden. Die houden maar weinig water vast. Bovendien valt er weinig neerslag. Inmiddels wordt meer dan 60% van het landbouwareaal beregend, vooral vanuit het grondwater. Aanvoer van water van elders vult het grondwaterpeil gedeeltelijk aan. De zandgronden van Zuidoost-Nederland lopen daarmee op langere termijn het risico zo droog te raken dat reguliere landbouw er niet meer rendabel is en dat natuurgebieden verdwijnen. Daarom werken we met 12 projectpartners samen in het Deltaprogramma Hoge Zandgronden.

  

Samenwerkingsprojecten

Ook werken we aan projecten die zowel ‘te nat’ als ‘te droog’ aanpakken. Een goed voorbeeld is het project Blauwe Poort in Laarbeek waar we een waterhouderij realiseren. Hier vangen we water in perioden van wateroverlast op en wordt verkend hoe agrariërs ten tijde van watertekort gebruik kunnen maken van dit opgeslagen water. Door anders te kijken naar mogelijkheden voor waterberging en samenwerkingsmogelijkheden tussen agrariërs onderling te verkennen kan mogelijk invulling worden gegeven aan het concept van de waterhouderij.